VoedingsMagazine nummer 1, februari 2001, 14e jaargang

In de loop van dit jaar meer duidelijkheid over doseringen

Arachidon- en Docosahexaeenzuur van Belang voor Pasgeborenen

Voor de geboorte levert de moeder haar kind de lange-keten vetzuren die nodig zijn voor functionele rijping van de hersenen en de ontwikkeling van het gezichtsvermogen. Uit onderzoek blijkt dat je de gehaltes door de samenstelling van de voeding kunt verhogen. 'Het advies om elke week één à twee keer vis te eten, is zo gek nog niet,' zegt prof. dr Pieter Sauer, hoogleraar Kindergeneeskunde Academisch Ziekenhuis Groningen. En een supplement voor de moeder? 'Ik vind dat er te weinig evidence is om dat te adviseren. In principe moet je het advies geven een evenwichtige voeding te kiezen.'

'Het meest opvallende van deze vetzuren vind ik dat ze in zeer lage concentraties in de voeding voorkomen en toch zo'n belangrijke rol blijken te spelen in het lichaam,' zegt prof. dr Pieter Sauer, hoogleraar Kindergeneeskunde Academisch Ziekenhuis Groningen. Hij duidt op de lange-keten vetzuren arachidonzuur (AA) en docosahexaeenzuur (DHA) die - onder meer in relatie tot de ontwikkeling van foetussen en pasgeboren kinderen - sterk in de belangstelling staan. 'Het zijn vetzuren die een heel andere rol spelen dan de 'normale' vetzuren, die vooral energieleverancier zijn.'

Al geruime tijd is bekend dat arachidonzuur en docosahexaeenzuur van belang zijn voor de functionele rijping van de hersenen en de ontwikkeling van het gezichtsvermogen van pasgeborenen. Sauer: 'We weten dat deze lange-keten vetzuren bestaan en een positief effect hebben. We weten inmiddels ook dat ze voor de geboorte via de placenta van de moeder naar kind overgaan, en dat de gehaltes in het bloed na de geboorte afhankelijk zijn van het feit of ze wel of niet in de voeding hebben gezeten of zitten.'

De lange-keten vetzuren

De n-3 en n-6 vetzuren zijn meervoudig onverzadigde vetzuren. Het meest voorkomende n-3 vetzuur is alfa-linoleenzuur, het meest voorkomende n-6 vetzuur is linolzuur. Het zijn essentiële vetzuren die in het lichaam worden omgezet in lange-keten vetzuren zoals arachidonzuur en docosahexaeenzuur, vetzuren die belangrijke componenten zijn van de hersenen, het zenuwstelsel, het netvlies en bijvoorbeeld de bloedvaten. Het lichaam weet arachidonzuur om te vormen uit linolzuur en docosahexaeenzuur uit alfa-linoleenzuur, maar het is waarschijnlijk onvoldoende voor de behoefte van het lichaam. Daarom moeten lange-keten vetzuren ook via de voeding worden opgenomen.

Hoog genoeg, wat is dat?

Voor de geboorte is de moeder leverancier van de lange-keten vetzuren. Sauer: De bloedspiegels in een eerste zwangerschap van een vrouw zijn hoger dan in de tweede of derde zwangerschap. Uit onderzoek blijkt dat je de gehaltes door de samenstelling van de voeding kunt verhogen. Daarmee kun je de gehaltes bij de geboorte verhogen.' Op de vraag of de bloedspiegels van de moeder gedurende de eerste zwangerschap hoog genoeg zijn, antwoordt Sauer: 'Hoog genoeg, wat is dat? Dat weet niemand. Tussen de onderlinge voedingspatronen van vrouwen zijn zulke grote verschillen. De hoeveelheid is afhankelijk van de samenstelling van de voeding van de moeder. De moedermelk van Eskimo's bevat bijvoorbeeld aanzienlijk meer van deze vetzuren dan van moeders die zelden vis eten. Maar wat is een goede plasmaspiegel? Dat weten we niet. Daarvoor zou je in onderzoek een deel van de kinderen wel en een deel geen lange-keten vetzuren moeten geven. Dat kun je niet doen. Dus blijf je vooralsnog zitten met de vraag: waar streef je naar?'

De lange-keten vetzuurstatus van te vroeg geboren kinderen is lager dan van à terme geboren kinderen. In onderzoek is gebleken dat er een positieve correlatie is tussen de DHA-status van te vroeg geboren kinderen en geboortematen zoals gewicht, lengte en hoofdomtrek. Prof. dr Gerard Hornstra (Universiteit Maastricht) heeft de afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar de rol van vetzuren bij moeder en kind, en kort na de zwangerschap. Hij vindt het denkbaar dat suppletie met DHA tijdens de zwangerschap de prognose van de kinderen verbetert. Maar omdat een hogere inneming van DHA de AA-status afneemt, luidt het advies om bij suppletie van DHA ook AA te geven. 'Aan metingen kunnen we zien dat de AA- en de DHA-spiegel van zwangere vrouwen significant minder wordt, omdat het ongeboren kind deze stoffen aan de moeder onttrekt,' aldus Hornstra. AA komt in kleine hoeveelheden voor in mager vlees, eidooier, rood vlees en sommige visolie. DHA komt voor in vette vis zoals haring, zalm en makreel en een beetje in mager vlees. AA en DHA zijn inmiddels ook beschikbaar in de vorm van plantaardige olie van fermentatieve oorsprong.

Voorkom overspoelen met linolzuur

Gedurende de zwangerschap zou de moeder moeten streven naar een evenwichtige aanvoer van arachidonzuur en docosahexaeenzuur. Prof. dr Sauer: 'Het advies om elke week één à twee keer vis te eten, is zo gek nog niet.' Hij waarschuwt voor de inneming van een overdaad aan linolzuur. 'Je moet voorkomen dat het een kwestie wordt van 'overspoelen met linolzuur'. Jarenlang is het gebruik van linolzuur gestimuleerd om zo hart- en vaatziekten te proberen terug te dringen. Het blijft natuurlijk belangrijk om het aandeel verzadigd vet in de voeding te verminderen ten gunste van de hoeveelheid onverzadigde vetzuren. Maar het is veel ingewikkelder dan we destijds dachten.' Het zou kunnen zijn dat bij een voeding die veel linolzuur bevat, de ketenverlenging van de n-3 vetzuren in de knel komt. 'Alleen maar zonnebloemolie dat rijk is aan linolzuur is niet gewenst, olijfolie met een ander vetzuurpatroon is zeker zo gezond. Je moet het hele spectrum van onverzadigde vetzuren zien binnen te krijgen.' Gebeurt dat niet, dan ontstaat een disbalans.

Een andere mogelijkheid is de toediening van supplementen met arachidonzuur en docosahexaeenzuur aan de voeding van de aanstaande moeder. 'Ik vind dat er te weinig evidence is om dat te adviseren. In principe moet je het advies geven een evenwichtige voeding te kiezen, de dreiging van ontsporing in de vetzuurbalans is dan geringer. Want als je supplementen voorschrijft: wat is te veel of wat is te weinig? Dat weten we nog niet precies.' Sauer illustreert zijn voorbehoud aan de hand van de uitkomsten van onderzoek onder pasgeborenen die veel n-3 vetzuren kregen. 'Bij hen blijft de groei achter. Er ontstaat in die situatie duidelijk een disbalans.' Hij vertelt dat is gebleken dat bij kinderen die een voeding krijgen met een verhoogd arachidonzuur en docosahexaeenzuurgehalte, op korte termijn een versnelde rijping van hun gezichtsvermogen doormaken. 'Hoe meer van die vetzuren, des te sneller blijkt de rijping te gaan. Mogelijk dat het een blijvend positief effect oplevert, maar zeker weten doen we dat nog niet.'

Veel zuigelingen krijgen flesvoeding

Uit een recente NIPO-enquête (december 2000) blijkt dat ruim 20% van de zuigelingen in Nederland wordt gevoed met moedermelk, de helft wordt gevoed met een combinatie van borstvoeding en flesvoeding en ruim een kwart van de zuigelingen krijgt alleen flesvoeding. Sauer vindt het belangrijk ouders erop te blijven wijzen dat borstvoeding de beste voeding voor zuigelingen is. Vrijwel alle flesvoedingen bevatten tot dusver geen arachidonzuur en docosahexaeenzuur, met uitzondering van (sommige) kunstvoedingen die worden gebruikt voor prematuren. Als de flesvoeding geen lange-keten vetzuren bevat, zijn de spiegels van deze vetzuren in het bloed en in de hersenen van het kind lager dan bij borstgevoede kinderen. 'Uit studies onder te vroeg geboren kinderen is gebleken dat de toediening aan hen zeer zinvol is. Het leidt tot een snellere functionele rijping van de hersenen en het gezichtsvermogen. De vraag is nu of je arachidonzuur en docosahexaeenzuur ook moet toevoegen aan flesvoedingen die zijn bedoeld voor à terme geboren, gezonde kinderen. Uit het onderzoek dat onder hen is uitgevoerd, blijkt dat de bloedspiegels wel hoger zijn als de aangepaste kunstvoeding wordt gebruikt, maar ten aanzien van de functionele uitkomsten kunnen onderzoekers geen effect vinden.' Mogelijk is het een tijdelijk effect, merkt Sauer nog op. Hij vertelt ook nog over de flesvoeding waaraan vetzuren, gesynthetiseerd uit eigeel zijn toegevoegd. 'De plasmaspiegels zijn wel beter, maar hoe worden ze opgenomen in het lichaam? Bereiken die lange-keten vetzuren wel de hersenen en ogen, de plaatsen waar ze nodig zijn? We wachten nog op de uitkomsten van grote studies.'Sauer verwacht dat in de loop van 2001 meer duidelijkheid ontstaat over de doseringen. 'Ik denk dat we de komende jaren sowieso veel meer te weten zullen komen over de centrale rol die lange-keten vetzuren in ons lichaam spelen. Ze hebben een belangrijke regulerende rol, zoals bijvoorbeeld bij de expressie van genen. Zo hebben ze veel invloed op het menselijk lichaam. Omdat we inmiddels weten dat hele kleine hoeveelheden van deze vetzuren al wat doen, moet je ook zeer voorzichtig zijn met de inneming. Geef niet teveel.'

Wat eten zwangeren in Nederland?

Voedingskundige dr Karin Hulshof (TNO Voeding in Zeist) is nauw betrokken bij de landelijke voedselconsumptiepeilingen die regelmatig worden gehouden. Uit de derde peiling die in 1997-1998 is uitgevoerd, blijkt dat de consumptie van zwangere vrouwen (n=50) nauwelijks verschilt van die van de vergelijkbare leeftijdsgroep niet-zwangeren (n=784; 22-37 jaar). De zwangeren gebruikten een voeding die gemiddeld 2115 kcal bevatte, 15,3% eiwit, 14,8% verzadigde vetzuren, 12,4% enkelvoudig en 6,2% meervoudig onverzadigde vetzuren, 48,8% koolhydraten en minder dan 0,1% alcohol. Bij de niet-zwangere vrouwen waren de uitkomsten 2112 kcal, 14,9% eiwit, 14,3% verzadigd vet, 13,3% enkelvoudig en 6,8% meervoudig onverzadigde vetzuren, 46,6% koolhydraten en 1,7% alcohol. Hulshof signaleert dat er in een periode van tien jaar (1988-1998) onder zwangeren - conform de algemene trend - een daling is in de inneming van vet, en in de consumptie van fruit en groenten. In de loop van de tien jaar is men meer frisdrank gaan gebruiken, en ook meer vis.

Anneke Geerts


PRINT - TERUG